Home
Terug
Contact
Adverteren
 

Bedradingtester

 
Schema van bedradingtester

Bouwtekening van bedradingtester

In de elektronica zijn goede en defecte onderdelen aan de buitenzijde dikwijls niet van elkaar te onderscheiden. In veel gevallen kan de conditie van een elektronisch onderdeel dan wel worden beoordeeld aan de hand van zijn weerstandswaarde. Om deze te kunnen bepalen is het echter nodig dat we de beschikking hebben over een weerstand- of ohmmeter. Over het algemeen is zo'n ohmmeter ondergebracht in een zogenaamde universeelmeter, die ook de mogelijkheid biedt om spanningen en stromen te meten. Het is dan ook niet verwonderlijk dat een belangrijk meetinstrument als de universeelmeter op de werktafel van de elektrotechnicus zeker niet zal ontbreken. Om toch ook de beginnende elektronicus, die zo'n universeelmeter nog niet bezit, in de gelegenheid te stellen zelf onderdelen en materialen te controleren, is een speciaal apparaat ontworpen. Hiermee kunnen weliswaar geen exacte weerstandswaarden bepaald worden, maar het geeft wel voldoende informatie om bepaalde elektronische defecten op te sporen.

De bedradingtester geeft door middel van een bescheiden zoemtoon aan of we te maken hebben met een lage-, een hoge- dan wel een oneindig hoge weerstand. In de eerste plaats is deze tester uitermate geschikt om in een bedrading of schakeling ongewenste doorverbindingen (kortsluitingen) of onderbrekingen op te zoeken. Daarnaast kan de bedradingtester worden gebruikt om aan de hand van onderstaande tabel de meest voorkomende onderdelen op hun werking te controleren.

Van het schema wordt het grootste deel in beslag genomen door een oscillatorschakeling, welke verantwoordelijk is voor het opwekken van de zoemtoon. Twee transistoren en twee condensatoren zorgen ervoor dat snel op elkaar volgend, korte spanningspulsjes aan de luidspreker worden afgegeven. De hoogte van de basisspanning van T1 is bepalend voor de snelheid waarmee de pulsjes elkaar opvolgen. Een hogere basisspanning zal de tussenpozen korter doen worden waardoor de zoemtoon een hogere frequentie krijgt. Vanzelfsprekend zal een lagere basisspanning een tegenovergesteld resultaat opleveren. Door nu tussen B1 en B2 een weerstand aan te sluiten, zal via R2 de basis van T1 een positieve spanning krijgen die de oscillator in werking stelt. Het feit dat de transistoringang bij een hoge weerstand een lage spanning en bij een lage weerstand een hoge spanning krijgt aangeboden betekent, dat de zoemtoonfrequentie wordt bepaald door de aangesloten weerstand.

Weerstanden in het gebied tussen 0 en 10 MW (10.000.000) kunnen op deze wijze globaal van de zoemtoonhoogte worden afgeleid. Aangezien het in de praktijk vaak nodig is om vooral lage weerstandswaarden te onderscheiden, zijn S1, R1 en D1 aan de schakeling toegevoegd. Zolang schakelaar S1 in de stand "hoog" staat, zorgt diode D1 ervoor dat de negatieve spanning R1 niet kan bereiken, waardoor de schakeling werkzaam blijft voor het gebied tussen 0 en 10 MW. Zodra echter S1 in de stand "laag" wordt geschakeld, zien we dat via R1 een negatieve voorspanning op B2 komt. Een aangesloten weerstand zal nu eerst deze negatieve voorspanning moeten overwinnen om de nodige positieve spanning op de basis van T1 te krijgen. Hierdoor zal de tester in deze lage stand alleen nog reageren op weerstanden die kleiner zijn dan ca. 50 KW.

Onderdelen

B1 = contactbus rood
B2 = contactbus zwart
C1 = 100 nF
C2 = 68 nF
D1 = 1N4002
LS = luidspreker 8W
R1 = 15 KW, ½ watt
R2 = 47 KW, ½ watt
S1 = schakelaar enkelpolig om - met middenstand 
T1 = BC 107
T2 = BC 177
2 krokodilklemmen (t.b.v. meetsnoeren)
2 banaanstekkers rood (t.b.v. meetsnoeren)
2 banaanstekkers zwart (t.b.v. meetsnoeren)

Heb je nog vragen over deze schakeling, stel deze dan gerust op het forum.

Copyright © 2001-2012 Schakelingen Online - Bijgewerkt in January, 2012